Het huidmodel

Standard

Dierproeven is een onderwerp dat bij sommigen mensen erg gevoelig ligt. De plaatjes die erbij komen kijken zijn heftig en het doet pijn dat al die martelverhalen niet verzonnen zijn, maar vandaag deze dag echt gebeuren. Gelukkig is de wetenschap inmiddels zover dat er huidmodellen kunnen worden gemaakt. Zo hoeven minder dieren te lijden als proefdieren voor cosmetica.

Meestal blijft er huid na cosmetische operaties, zoals borstverkleiningen en buikwandcorrecties. Hiervan kunnen levende huidmodellen worden gemaakhuidt. Er kan een model gemaakt worden met alleen opperhuid om bijvoorbeeld irritatie of corrosie van een bepaalde stof te testen. Er kunnen ook volledige huidmodellen gemaakt worden waarmee je processen in de huid kunt bestuderen. Bijvoorbeeld het effect van cosmetische crèmes. Ook kunnen de huidmodellen worden gebruikt voor het bestuderen van ziektes zoals huidkanker. Er kan onderzocht worden welke medicijnen of stoffen een remmend effect hebben op kwaadaardig gedrag van kankercellen. Deze testmodellen zijn een alternatief voor dierproeven en kunnen leiden tot de vermindering en gedeeltelijke vervanging van proefdieren in onderzoek. Proefdierresultaten zijn niet zo betrouwbaar als proeven die echt op de mensenhuid zijn gedaan en daarom is er vanuit de industrie al heel lang vraag naar deze betrouwbare, menselijke huidmodellen. Door subsidie van de overheid en de industrie heeft het onder andere het Leids Universitair Medisch Centrum het model inmiddels zover ontwikkeld dat het klaar is om door meerdere bedrijven te gaan gebruikt worden.

Het Leids Universitair Medisch Centrum was al bezig met het ontwikkelen van huidmodellen. Al in de jaren tachtig werd er naar huidmodellen onderzocht. Die modellen bestonden meestal maar uit één laag: de opperhuid. Professor El Ghalbzouri, van het Leids Universitair Medisch Centrum, maakte een unieke structuur met zowel opperhuid als lederhuid. Voor het maken van de huidmodellen werd toen gebruikt gemaakt van collageen geïsoleerd uit rattenstaarten. Inmiddels zijn voor het ontwikkelen van de huidmodellen gelukkig geen proefdieren meer nodig. Er zijn meerdere investeerders en bedrijven geïnteresseerd in de techniek die binnen het Leids Universitair Medisch Centrum is ontwikkeld. Het huidmodel kan al snel in de praktijk worden gebruikt. Met het model is een globale en snelle screening mogelijk van heel veel stoffen. Op die manier kan men snel zien welke stoffen wel of niet kansrijk zijn. Voor de stoffen die kansrijk zijn kan dan een extra onderzoek worden gedaan, dit meestal met een diermodel. Hier gaat het dan nog maar een bepaald aantal stoffen, wat zorgt voor minder dierproeven. Het onderzoek met huidmodellen is hiermee nog niet afgerond. Er zijn nog enorm veel ziektes waar de Universiteit van Leiden een huidmodel voor willen ontwikkelen, zodat zo veel mogelijk dierproeven worden vermeden. Ook willen zij het huidmodel verder ontwikkelen, zodat er ook kan worden getest op medicijnen, producten en chemicaliën. Voordelen van het huidmodel zijn dus dat het betrouwbaarder is, omdat de huid van een mens is en het is veel goedkoper dan een diermodel. Ook is het  model gemakkelijk aan te gebruiken voor allerlei soorten onderzoeken.

De Europese Cosmeticarichtlijn heeft in 2013 alle dierproeven die worden gebruikt voor het testen van ingrediënten voor cosmetische verboden. Zij stimuleren dan ook het onderzoek naar een alternatief voor dierproeven. De industrie weet al jaren dat dit verbod eraan zat te komen. Ook zij verlangen dus naar een alternatief. L’Oréal heeft al vanaf 1998 geïnvesteerd in het ontwikkelen van een opperhuidmodel als alternatief voor het testen van irriterende en bijtende stoffen op konijnenogen. Grotendeels zullen bedrijven zelf investeren voor dierproefvrije modellen. Ook zullen veel bedrijven de ontwikkeling en onderzoek daarvan uitbesteden aan gespecialiseerde bedrijven of aan wetenschappelijke instituten, zoals het Leids Universitair Medisch Centrum.

Ik ben benieuwd wat de toekomst van de wetenschap ons en de proefdieren te bieden heeft. Zelf hoop ik dat er gauw genoeg aangename en werkende alternatieven zijn, omdat ik het enorm zielig vind dat dieren de dupe zijn van producten die wij graag willen hebben.

ratten

Bronnen:

http://assets.kennislink.nl/upload/128484_391_1109262630524-scholieren2.pdf

http://www.nkca.nl/3v-alternatieven/aanleiding-3v-alternatieven/maatschappelijke-wetenschappelijke-en-economische-ontwikkelingen/

http://www.nu.nl/lifestyle/4324843/cosmetica-verkocht-binnen-eu-voortaan-dierproefvrij.html

http://docplayer.nl/4729280-Communiceren-over-dierproeven-en-3v-alternatieven.html

http://www.stichtinginformatiedierproeven.nl/categorie/dierproeven-en-alternatieven/page/9/

http://www.nkca.nl/3v-s-in-de-praktijk/implementatie/abdoelwaheb-el-ghalzouri-levende-huidmodellen/

https://proefdiervrij.nl/projecten/

 

Advertisements

Kijk uit, de grote overstroming komt eraan

Standard

Een paar weken terug leek mij het een goed idee om de documentaire ‘Before the flood’ te kijken. Tijdens de documentaire gaat Leonardo DiCaprio (acteur en milieuactivist) naar plekken zoals de Noordpool, gletsjers en tropisch regenwouden. Hier praat hij met natuurkundigen, politicus en andere milieuactivisten. De hoofdgedachte van de documentaire is klimaatverandering. Ik heb de documentaire gekeken, omdat ik hoopte meer te leren over klimaatverandering en wat wij eraan kunnen doen.

Ituin-der-lustenn dit artikel bespreek ik de belangrijkste punten uit de documentaire. In de openingsscene laat Leonardo DiCaprio het schilderij ‘De tuin der lusten’ van Jheronimus Bosch zien. DiCaprio vertelt dat het schilderij in drie delen is verdeeld en dat die drie delen gelijk staan aan met het leven op aarde. In het eerste deel zie je hoe de aarde er in het begin uitzag: er was vrede en iedereen, dier en mens, was gelijk. In het tweede deel van de schilderij gaan wij mensen slecht met onze aarde om. Wij zijn meer druk met onszelf dan met de natuur om ons heen. In de derde en laatste deel zie je de aarde, zoals DiCaprio denkt dat het nu aan het worden is. Een aarde vol problemen, ruzie en vernietiging.

Eerst gaat DiCaprio naar de Noordpool. Daar ziet hij hoe snel het ijs smelt. Als wij daar niks aan doen is er in 2040 geen ijs meer op de Noordpool. Ook Groenland zal snel verdwijnen.

In Miami, Florida, ziet DiCaprio de problemen van de stijgende waterspiegel. In Miami bouwen ze pompen en ze leggen de straten hoger. Inmiddels heeft dit al meer dan 400 miljoen dollars gekost. Al dit geld komt van de bevolking, die belasting betaald. Zo kom je gelijk bij het volgende probleem: politici moeten de belasting verhogen om overstromingen te voorkomen, maar als ze dit doen zijn ze niet geliefd door de bevolking. Nu zeggen sommige politici dat de klimaatverandering niet serieus moet worden genomen. Alleen maar zodat ze populair zijn bij de bevolking en meer stemmen krijgen.

China is de grootste milieuvervuiler van de hele wereld. Hier ziet DiCaprio de gevolgen van de industrialisatie en vervuiling. De hoeveelheid steenkool die in Beijing wordt gebruik staat gelijk aan de hoeveelheid die in heel Amerika bij elkaar gebruikt. Veel Chinezen maken zich ook grote zorgen en dragen dus mondkapjes. Niet verassend dus, dat er in China het meest wordt geprotesteerd tegen klimaatverandering.

Na China te hebben bezocht, gaat DiCaprio naar India. India staat op de derde plaats van grootste vervuilers van de wereld. Meer dan 300 miljoen mensen hebben hier geen toegang tot elektriciteit, wat gelijk staat aan de bevolking van de United States. Ze zijn daar ten einde raad: 30% van de bevolking heeft geen elektriciteit en toch staat India in de top 3 grootste vervuilers van de wereld. Hoe los je dit probleem op?

Zoals ik al zei stijgt de waterspiegel steeds meer. Dit zorgt er ook voor dat eilanden gaan verdwijnen. Ook de bewoners van de Palau eilanden hebben hier last van. Het duurt niet lang meer of ook zij moeten hun huis verlaten, omdat de natuur hen dwingt. Zo zie je maar weer dat de mensen die het minst vervuilen het meest last hebben van de milieuvervuiling. De mensen daar voelen zich dan ook vergeten: ‘’Wat hebben wij gedaan dat we dit verdienen?’’

Koraalriffen in de oceaan vergaan door milieuvervuiling. Een biljoen mensen leven van vis en vis kan niet leven zonder koraal. Oftewel, zonder koraal geen werk voor een biljoen mensen. Een biljoen mensen zonder geld en eten. Klein detail: koraal neemt CO2 in zich op en stabiliseert zo het klimaat.

palmpolieOok bomen nemen koolstofdioxide in zich op, maar wij mensen kappen de bomen om voor meer ruimte voor bijvoorbeeld landbouw. Dit zorgt voor een enorme koolstofuitstoot. In Indonesië worden bossen gekapt om ruimte te maken voor palmolieplantages. Wij, in het westen, gebruiken deze palmolie in onze producten, zoals eten, vaatwasmiddelen, make-up en veel meer.

Er zijn enorm veel klimaatvluchtelingen. Deze vluchtelingen hebben hun huis verlaten door hitte of overstromingen. Obama zegt: ‘’Wat maakt mij bang voor de toekomst? Klimaatvluchtelingen. Mensen vetrekken uit hun land, omdat het niet meer veilig is. Dit is een nationale veiligheidskwestie en niet alleen maar een milieukwestie. Dit is waarom wij nu actie moeten ondernemen. We moeten mensen onderwijzen. Er is geen enkele reden om dit probleem nu niet meteen op te lossen.’’

Deze documentaire was voor mij een echte eyeopener en ik raad het iedereen aan om het te kijken. Nooit heb ik zo beseft wat voor probleem klimaatverandering is. Waarom zouden we onze kinderen laten leven op een aarde die wijzelf hebben vervuild?

 

Bronnen:

Bedrock

Documentaire ‘Before the flood’

Uniek zijn als net afgestudeerde

Standard

Als communicatiestudent kijk ik weleens naar vacatures in de communicatiebranche. ”We zoeken naar iemand met een vlotte pen, die zelfstandig kan werken, verstand heeft van social media en minstens twee jaar werkervaring heeft.” Wacht even. Wat? Daar sta je dan met je diploma net op zak. Ikzelf vind dat je als werknemer jongeren niet zou moeten vragen naar hun ervaring, maar ze juist ervaring moet bieden. Alleen zo komen net afgestuurde studenten aan de bak en krijgen zij de kans om zich te ontwikkelen. Hoe kun jij er dan voor zorgen dat je toch opvalt om in aanmerking te komen voor een baan?

Jezelf ‘uniek’ genoeg maken is niet makkelijk. Als eerste is het heel erg belangrijk om te weten wie jijzelf bent, waar je goed in bent en waarvoor je wilt staan. Of, zoals je dat mooi zegt: ‘’Een lege huls kun je niet verkopen.’’ Vraag eens aan anderen wat zij onderscheidend aan jou vinden. Zo is het veel makkelijker om jezelf te ‘verkopen’. Maar probeer jezelf niet te veel te ‘verkopen’. Mensen die een product, in dit geval jezelf, verkopen kunnen erg vermoeiend zijn. Probeer menselijk te blijven en je oprechtheid vast te houden. Doe jezelf ook niet anders voor dan je in het echt bent. Als je van nature niet zo’n verteller bent, doe dat dan ook niet. De kans is groot dat je dan snel onnatuurlijk overkomt.

Als tweede is het belangrijk om connecties te maken en netwerken op te bouwen. Zo kom je veel makkelijker een bedrijf binnen. Daarbij staat het ook goed als je een groot netwerk hebt. Als je trouwens denkt dat dit vooral weggelegd is voor mensen met een vlotte babbel die alle borrels aflopen, dan heb je dat fout. Hierbij dus een mini-spoedcursus netwerken.

Je kunt enorm veel mensen benaderen: familie, vrienden, kennissen, collega’s, medestudenten, docenten, buren, noem maar op. Docenten en medestudenten zitten in hetzelfde vakgebied zoals jij. Er is een grote kans dat jullie iets voor elkaar kunnen betekenen. Docenten hebben ook al vaak een groot netwerk en weten meestal precies bij wie ze moeten zijn om jou een handje te helpen. Ook een vriend of familielid kan soms onverwachts een goede connectie voor jou hebben. Bij mij was dat het geval in het tweede jaar toen ik opzoek was naar een stage. Het lukte mij niet om een stage te vinden, totdat ik erachter kwam dat een vriendin van mijn tante veel voor mij kon betekenen. Wees dus ook niet bang om aan mensen te vragen of zij iemand kennen die jou eventueel kan helpen. Een uitgebreid netwerk is soms dichterbij dan jij denkt.

Daarbij is netwerken in de loop van de jaren steeds makkelijker geworden. Tegenwoordig hebben wij social media. LinkedIn is natuurlijk de ultieme voorbeeld van een social medium waarop jij makkelijk kunt netwerken. Maar ook een tweet op Twitter is zo gestuurd. Je hoeft dus niet telkens te gaan lunchen of borrelen om je contact te houden met je netwerk, zoals ze dat vroeger deden.

Onthoud wel dat netwerken van twee kanten moet komen. Benader je netwerk niet alleen maar omdat jij hulp nodig hebt, maar bied ook soms hulp aan. Vertel iemand over die ene vacature als jij weet dat diegene opzoek is naar iets.

Als laatste wil ik mee geven dat het in de communicatiebranche van belang is om bepaalde dingen goed voor elkaar te hebben als je opzoek bent naar een baan. Het is heel erg belangrijk, dat als je netwerken opbouwt met LinkedIn, dat je profiel er dan ook verzorgd uitziet. Hou je profiel up-to-date en houd het zakelijk. Gebruik geen selfie of vakantiefoto als profielfoto. Een professioneel uitziende foto, die iemand anders van je maakt, werkt het beste.

Zorg ervoor dat je cv en motivatiebrief er mooi uitzien. Communicatiemensen zijn over het algemeen wel creatief en daarom is het ook wel leuk om een goed opgemaakte brief te hebben. Dit geeft een goede eerste indruk aan de werkgever en het laat gelijk zien hoe jij bent. Tegenwoordig zie je heel veel leuke infographic-achtige cv’s en motivatiebrieven met bijvoorbeeld bolletjes die aangeven hoe goed je in iets bent.

Over cv’s gesproken: als je ooit vrijwilligerswerk hebt gedaan, is dat leuk om dat op je cv te zetten. Ook dit laat zien hoe je bent. Mij is het zelfs een keer overkomen dat ze bij een stagegesprek zeiden: ‘’Eigenlijk vonden wij jou nog te jong om aan te nemen als stagiair, maar door het vrijwilligerswerk in een derdewereldland en de ervaring die je vertelt daar te hebben opgedaan, lijk jij ons heel erg volwassen.’’ Bonuspunten dus.

Als laatste kijken sommige bedrijven naar hoe jij het doet op social media. Dit ligt er echt aan bij wat voor bedrijf jij opzoek bent naar een baan, maar anders is het goed om je social media up-to-date te houden.

Wees dus goed voorbereid, voordat je aan het avontuur van een job vinden begint. Kom erachter wie jij nu echt bent en ga netwerken en wees niet bang om contact te leggen met bepaalde mensen die jou kunnen helpen. Je weet nooit waar dat naartoe kan leiden. Hou je LinkedIn en andere social media goed bij en zorg ervoor dat je cv en motivatiebrief er picobello uitzien. Zo maak ook jij, als net afgestudeerde communicatiestudent, kans op een droombaan.